De lotgevallen van een amateurfotograaf

At Hodson Street – I’m ready to Rock ’n Roll ©2018


zwartkopvuurkeverZwartkopvuurkever


Het leven van een amateurfotograaf gaat zeker niet alleen maar over rozen. Terwijl u, lekker onderuitgezakt in uw stoel, hopelijk kunt genieten van de foto’s die deze amateur iedere week plaatst, loopt deze fotograaf ondertussen behoorlijke risico’s!! Maar ja, alles voor het plezier van de lezer toch 🙂 Aan de hand van wat voorbeelden zal ik u deelgenoot maken van enige van mijn ervaringen.

Wat wil het geval, foto’s maken is één, maar om het onderwerp goed in beeld te krijgen is een ander verhaal. Om nog maar te zwijgen over de risico’s die het fotograferen in heuvelachtig gebied met wilde dieren sowieso met zich meebrengt. Neem nu bovenstaande foto.

Leuk, zo’n zwartkopvuurkever proberen vast te leggen, maarre, dat gaat zomaar niet. Voor deze foto moest ik me in een vochtig stuk bos tussen het kreupelhout begeven, omringd door tientallen, bloeddorstige muggen. Eén voet op een restant boomstam, de ander tussen het groen en bukken maar. Ondertussen voerden de muggen een massale aanval op mijn tere huidje uit, ervoor zorgend dat ze niets tekort kwamen.

Ze leken wel uitgehongerd, volgens mij heb ik minimaal een liter bloed gedoneerd aan ze. Nadat ik eindelijk de kever goed in beeld had gekregen, keek ik eens naar mijn linkerbeen op de boomstam. Ai, de volgende aanval, mijn voet bleek namelijk precies op de snelweg van een colonne rode mieren te staan. Stampend en flink schuddend met mijn been, ontdeed ik me van de aanvalsleiders en heb wel duizend keer mijn excuses moeten aanbieden voordat ze me lieten gaan!!

Schoonheid van het leven

Aan zee fotograferen is ook niet zonder risico. Ingespannen werkend is het mij al diverse malen overkomen, dat de zee eerder bij mijn benen was dan verwacht. En dat gebeurt om een of andere reden altijd in de winter, lijkt wel 🙂

Eén keer zelfs stond ik hartje winter aan de rand van de zee een prachtige zonsondergang te fotograferen. Volledig in beslag genomen door het schitterende schouwspel, had ik niet in de gaten dat zich achter mij intussen een binnenmeertje had gevormd. Met als gevolg dat toen ik klaar was en terug wilde, dat alleen nog maar kon via het binnenmeertje.

Ofwel bij een graad of 4°C, den broek opstropen, schoenen uit en waden maar. Nou, ik kan u vertellen, de terugrit van zo’n drie kwartier op de fiets, was koud!! Daarentegen was, eenmaal weer opgewarmd thuis, de voldoening groot!!

 

Meermalen heb ik mijn gêne opzij gezet voor het beste resultaat. Sneaky verscholen in bosjes om een vennetje vast te leggen. Denkend dat niemand je ziet, en dan erachter komend dat het gangbare wandelpad maar een paar meter verder ligt. Boze en fronsende blikken van de voorbijgangers die minimaal dachten met een vies mannetje te maken te hebben.

Liggend op de buik om een paddenstoel, insect of bloem vast te leggen, onbedoeld de stuipen op het lijf jagend van de nietsvermoedende dames die net de hoek omkomen. Alles werd verwacht, van vos tot hert, van konijn tot hooglander, maar zeker niet een languit liggende, volwassen man 🙂

Ja, en dan nog de risico’s van het liggen voor mijzelf. Na het liggen erachter komen dat de hooglanders aan de dunne waren geweest, de knieën nietsvermoedend in heerlijke prikkelplanten plaatsen, ik bedoel maar!!

Nu moet ik eerlijk bekennen dat ik ook zelf wel enigszins debet ben aan bepaalde situaties, snel afgeleid als ik ben. Neem bijvoorbeeld het moment dat ik al ruim een half uur had gewandeld en naar mijn fototas greep om een lens te pakken. Niets geen fototas, die stond natuurlijk gewoon nog op mijn fiets, in het zicht van iedereen. Nou, de terugweg naar de fiets heb ik in een kwartier afgelegd hoor!!

Gelukkig stond de tas nog braaf op me te wachten met lenzen en toebehoren erin. Dat moment betekende zowat het einde van mijn fotografieaspiraties, vergeetachtige Jan/René die ik ben. Want ik geloof nooit dat vrouwlief glimlachend had gezegd van ”geeft niets joh, kan gebeuren, ga maar nieuwe spullen kopen”. Sindsdien is het bij mij dan ook van check, double-check, voordat ik mijn wandeling start 🙂

Nog zo’n mooi voorbeeld van afgeleid zijn is het om me heen kijken tijdens het fietsen. Het is niet de eerste keer dat ik iets meen waar te nemen, ernaar kijk, en vervolgens met fiets en al de heuvel afrijd!! Ja, ik wil graag alles zien, de beste foto’s aan jullie presenteren, maar dan zijn de risico’s bij mij ook navenant. Tegenwoordig houd ik mijn blik op de weg en komt het fotograferen wel als ik afgestapt ben. Het spijt me, maar ik wil nog wel wat langer mee!!

Over fietsen gesproken, ik heb u pasgeleden verteld dat ik sinds kort de trotse eigenaar ben van een mooi racemonster. Wow, wat kan ik nu hard de heuvels afrijden, voel me net Joop Zoetemelk (heuvel oprijden is een ander verhaal…). Vaak vertrek ik uit de duinen als de zon zijn oogjes dicht heeft gedaan. Vroeger reed ik dan op mijn trouwe, lawaaierige, oude fiets langzaam naar de uitgang, de koplamp een flauw schijnsel op de weg vormend.

Dat is nu een ander verhaal. Zo wierp ik mij één van de eerste ritjes op mijn mooie Puch (jawel, ze hebben dus blijkbaar ook fietsen) met doodsverachting van de heuvels af, met een koplamp die, wat lichtsterkte betreft, vergelijkbaar is met een bouwlamp. Staat daar tot tweemaal aan toe een roedel herten compleet verblind en verbijsterd  midden op de weg.

Nu, ik kan u verzekeren, met de remmen van mijn nieuwe Puch is niets mis. Dat was even wennen voor mij, maar ook dus voor de dieren. Ze horen me nu niet meer aankomen en blijkbaar verlicht mijn kop cq. bouwlamp het halve duingebied. Dus tegenwoordig rijd ik braaf met matige snelheid de duinen uit en toon mijn wieleraspiraties pas op de grote weg.

Tot slot van deze blog wil ik u nog één grote bron van risico meegeven. Dat is namelijk de mens. Zo plaats ik de foto’s voor u op deze site, met ‘gevaar’ voor eigen leven. Laatst kwam ik een dame tegen, waar ik in een aardig gesprek mee raakte. Ze kwam vaker in het gebied en we hadden het over het contact tussen mens en dier. Dit omdat we een kudde Konikpaarden voor ons hadden op het fietspad.

Een prettig gesprek totdat de dame doorkreeg dat ik de paarden fotografeerde. Haar eerste vraag was wat ik deed met de foto’s om direct, zonder mijn antwoord af te wachten, er kordaat aan toe te voegen dat ik ze niet op internet moest plaatsen. Toen ik bevestigde dat ik dat wel deed, werd ze behoorlijk knorrig.

Volgens haar was het al zo druk in de duinen en zouden mijn foto’s alleen maar tot meer aandacht leiden voor het gebied, waardoor het nog drukker zou worden. Voorzichtig probeerde ik haar duidelijk te maken, dat de duinen vrij toegankelijk zijn voor wie maar wilt en dat mijn foto’s echt niet tot een verkeerschaos zouden leiden.

Dit bleek alleen maar meer olie op het vuur. Er werd me nogmaals op het hart gedrukt de foto’s niet te plaatsen, waarna de aardige dame haar weg vervolgde. Het enige wat ik me op dat moment kon bedenken was dat het toch wel een enorme eer zou zijn als mijn foto’s meer mensen de natuur in zouden lokken.

Meer aandacht en bewustwording van al dat moois om ons heen, zou absoluut geen kwaad kunnen. Waarna ik direct besloot, het spijt me, de foto’s toch te blijven plaatsen. Maar ja, u begrijpt, vanaf dat moment kijk ik permanent over mijn schouder tijdens het fotograferen of de dame niet ergens in mijn buurt vertoeft, want oei….. 🙂

Nou ja, zomaar wat lotgevallen van een amateurfotograaf. Maar met liefde onderga ik ze hoor, want uw commentaren zijn als een soort van ‘doping’ voor mijn ziel. En wees nu eerlijk, een beetje spanning in een mensenleven kan toch geen kwaad?! Tot zover deze blog. Een goede week gewenst en tot de volgende blog!!

Groetjes, René

PS: laatste update, geloof het of niet, wie kwam ik gisteren tegen aan het begin van mijn tochtje door de duinen?! Precies, u raadt het al, de desbetreffende dame, wat een toeval!! Ze herkende me direct, “aha, jij bent van de foto’s”, dus ik zette me al schrap 🙂

Maar eerlijk is eerlijk, we hadden een ontzettend fijn gesprek. Allebei grote natuurliefhebbers en geen onvertogen woord. Zo zie je maar weer, niets zo veranderlijk als de mens en, misschien, gelukkig ook maar. Dus bij deze beloof ik niet meer over mijn schouder te kijken, we zijn nu goede vriendjes 🙂


Schrijf je in voor de nieuwsbrief en blijf op de hoogte van alle avonturen!!!!




Deel dit /Share this

De eerste keer doet het meest pijn

At Hodson Street – Rosasharn ©2018


“When you meet things for the first time, it can hurt and you’ll feel lonesome”

een zin uit de song “Rosasharn”. Een tekstfragment niet van mijzelf, maar geschreven door John Steinbeck in het, voor mij althans, enorm inspirerende boek “De druiven der gramschap“. Al enige malen heb ik dit boek en deze schrijver laten passeren in de diverse blogs.

Rauw en meedogenloos wordt in “De druiven der gramschap” het verhaal verteld van de familie Joad tijdens de Grote Depressie in de Verenigde Staten. Een familie die, zoals zovelen, vanwege ook nog eens de zogeheten Dust Bowl noodgedwongen moest vertrekken uit Oklahama.

In deze zin schuilt zoveel waarheid op zovele niveaus. Afgelopen week verbleven wij in het dorpje ’t Loo, onderdeel van de gemeente Oldebroek. Terwijl wij op een middag, gedurende een fietstocht, van de prachtige omgeving aan het genieten waren, moest ik aan deze zin denken. Zoveel ruimte, zoveel rust in vergelijking tot onze drukke Randstad en dan toch een hoop kabaal zo’n 2 jaar geleden toen er sprake was van de komst van een asielzoekerscentrum.

Daar ga ik nu niet over oordelen, daar gaat het mij niet om. Deze gemeente was absoluut niet de enige gemeente waar de komst van vluchtelingen tot verdeeldheid leidde. Nee, het is iets relatief onbekends voor de mensen daar en dan wordt het moeilijk. Het gaat ‘pijn’ doen. Niet letterlijk natuurlijk, maar je ziet vaak dat men afwerend reageert bij iets nieuws.

Zal ook wel in de aard van de mens liggen. Zonde, want is het geen koudwatervrees? De familie Joad werd ook opgejaagd van de ene plaats naar de andere, iets wat je nu ook vaak ziet met asielzoekers. Op deze manier is integreren helemaal een probleem. In die zin is het een tijdloos boek en waarschijnlijk ook een tijdloos thema.

Hoe mooi zou het niet zijn om uit oorlogsgeweld te komen en opgevangen te worden in de rust van ruimte en natuur. Rustig bijkomen, integreren en dan desnoods naar een definitieve woonplaats. Maar ja, wie ben ik, ik heb waarschijnlijk makkelijk praten. Het gevaar met dit soort discussies tegenwoordig is dat er niet meer gediscussieerd wordt. Iedereen heeft zijn oordeel al klaar. Het was gewoon een gedachte die tijdens het fietsen in me opkwam.

Want o, wat kan Nederland toch mooi zijn. Fietsend tussen de weilanden, de meanderende watertjes, grazende koeien en heerlijk ruikend gras. Weidse gezichten met Hollandse luchten en wel 20 tinten groen, wat wil een mens nog meer?! Hoezo is Nederland klein en vol, in de verste verte kwam ik geen drukte tegen.

Tafereeltjes uit de tijd van Ot en Sien. Kleine weggetjes, met direct daaraan de boerderij gelegen. Honden die midden op de weg banjerden en hoge bomen die licht ruisend hun verkoelende schaduw wierpen op het asfalt. Een soort van ereboog voor ons vormden, zo aan weerszijden van de weg. Heerlijk.

Ach Nederland, klein maar ook groots. In het verleden, maar ook zeker nog vandaag de dag. Als klein landje vaak vooraanstaand op het gebied van technologie, innovatie en zeer zeker, ook export. Het kleine landje waar ik erg trots op ben, het kleine landje ook met een enorm groot belerend vingertje.Wij weten het altijd beter.

Dat vind ik ook wel weer bijzonder aan ons land. Noem het een soort van ‘boter op het hoofd hebben’. Hoe vaak wij wel niet weten te vertellen hoe het moet, maar zelf vergeten dat we het ook niet doen. Neem onze prestaties op het gebied van klimaatverbetering. We roepen dan wel dat het zo niet langer kan en dat China of Amerika of wie dan ook zijn best moet doen om het klimaat te verbeteren.

Gemakshalve wordt dan vaak vergeten dat Nederland op het gebied van verbeteringen voor het klimaat steevast onderaan de lijst bungelt van landen die bezig zijn met deze verbeteringen. Makkelijk roepen naar anderen als je zelf zo’n beetje de slechtste leerling van de klas bent. Ik durf nauwelijks te beginnen over discriminatie en racisme. Ach, wat zijn wij toch tolerant.

Kunnen homoseksuele mannen en vrouwen hier dan wel hand in hand over straat? Is het woord ‘apartheid’ niet een Nederlands woord en hoe goed kunnen wij praten over onze rol in het verleden wat betreft de slavernij. Hoe open zijn wij over ons verleden in de voormalige Nederlandse koloniën?!

‘Ach, maar dat is geweest toch? Geen oude koeien oprakelen’, zegt men dan. Dat klopt, maar steek dan wel de hand in eigen boezem en accepteer en beschrijf ook de donkere kanten van Nederland. Je kunt niet vooruit zonder het gebeurde onder ogen te zien. Sta open voor de gevoelens van een ander, maak excuses en ook dan kun je je eigen waarden en tradities blijven behouden. Misschien zelfs nog wel beter, echt waar!!

In de loop der jaren is het mij opgevallen dat een echt Hollandse traditie het volgende is: “we winnen en ze hebben verloren”. Om actueel te blijven, denk aan het eurovisie songfestival. Op het moment dat ik dit aan het schrijven ben, moet de finale nog plaatsvinden. Maar ach, wat hebben we onze mentaliteit weer prachtig laten zien. Arme Waylon, rasartiest en het lef hebbend zichzelf te blijven.

Wat een kritiek heeft de beste man alweer te verduren gehad. Slecht nummer, ze komen niet door de voorrondes, belachelijke dans, kan niet tegen kritiek, kansloos en wat nog wel niet meer passeerde de revue. En nu hij toch in de finale staat is het ineens een geweldige zanger, we zijn de beste van allemaal, geweldig nummer en weet ik veel wat al niet meer. Gekke Nederlanders toch 🙂

En toch hou ik van mijn land, met al zijn gebreken. Laten we daar duidelijk over zijn. Zo slecht is het hier nog niet, ik ben er trots op Nederlander te zijn. Alleen, tsja, naarmate ik ouder word, valt me steeds meer op dat we niet zo tolerant en geweldig zijn als dat we misschien denken. Iets meer bescheidenheid is toch wel op zijn plaats en af en toe wat meer de hand in eigen boezem steken ook. Bedenk maar:

“When you meet things for the first time, it can hurt and you’ll feel lonesome”

Daarom vind ik het nummer Rosasharn bijzonder op zijn plaats in deze blog. Leer ervan, zie de schrijnende kanten van het bestaan onder ogen en accepteer hoe de mens kan zijn. Ook ik, ook jij, wij allemaal, maar héé, is de bedoeling van ontwikkeling nu niet juist dat je leert van de gemaakte fouten?! Doe dat dan en stop ze niet weg. Je kunt het, alleen zo kom je vooruit!!

Tot de volgende blog!!

Groetjes, René


Schrijf je in voor de nieuwsbrief en blijf ‘geprikkeld ‘worden 🙂 Iedere week weer!!



Deel dit /Share this

Wat is nu een jaar?!


At Hodson Street – Only memories left ©2018


Wat is nu een jaar?! Het is voorbij gevlogen. Vaak heb ik aan je gedacht, maar tegelijkertijd ging ook mijn leven door. Alweer een jaar geleden was het moment waarop je ons verliet, het voelt als gisteren. Maar als ik tegelijkertijd bedenk wat er in mijn privéleven allemaal in een jaar is gebeurd, is dat toch wel weer even slikken. Dan is een jaar ook best wel weer lang 🙂

Ach, zomaar wat voorbeelden van gebeurtenissen uit het afgelopen jaar, de oudste dochter heeft haar keuze gemaakt voor het voortgezet onderwijs, de eindmusical is in zicht. De jongste dochter gaat intussen, als het aan haar ligt, het liefst alleen naar school.

Deze jongen is met zijn creatieve oprispingen in de openbaarheid getreden en probeert nog eens een nieuwe richting in het leven in te slaan. We, mijn partner en ik, zijn allebei 50 geworden. Partnerlief heeft hard en, naar gelukkig lijkt, succesvol gevochten om borstkanker te overwinnen. Het huis is met een complete verdieping uitgebreid.

Pffff en dan zal ik ongetwijfeld nog een hoop dingen vergeten zijn. Allemaal gebeurtenissen, de leuke maar zeker ook de minder leuke, die ik gedeeld zou hebben met je. Als ik mijn ogen sluit hoor ik je vertrouwde stem en moet ik glimlachen. Je zou me hebben gesteund, me wijze raad hebben gegeven, maar zeker ook aandacht voor de kleinere dingen hebben gehad.

Ware vriendschap en een diepe genegenheid voor elkaar. Jij keek door uiterlijk heen, keek vooral naar de mens en niet naar de verpakking. Zo leerden we elkaar zo’n 25 jaar geleden kennen, allebei vrijwilliger bij de zorg voor verstandelijk gehandicapten.

Ik nog als een jonge “hond” met lange haren en ‘wild’ leven. Jij als trotse oma, gesetteld en met zo’n 35 levensjaren meer ervaring. Dat leeftijdsverschil hebben wij nooit als storend ervaren. Je gaf me vertrouwen en dat ben je in me blijven behouden in al die jaren.

We hebben wat momenten beleefd, je hebt me zien veranderen van wildebras tot brave huisvader met twee kinderen. Het maakte niets uit, de vriendschap bleef altijd hetzelfde. Trouwens, volgens mij vond je het maar wat leuk toen er kinderen kwamen. Je breidde er op los en altijd als je kwam, had je voor de meiden wat mee.

Je hebt zelfs nog weleens in de vakantie een complete knutselworkshop voor de kleine dames in mijn huis verzorgd en glimmen dat je deed. En in de eerste jaren had je meestal een handdoek mee, want ja, de sauna is hier om de hoek, dus dan kon een bezoekje hieraan ook altijd wel even 🙂

Ach ja, alleen de herinneringen blijven over, het is een feit. Maar wel mooie en dierbare herinneringen. Herinneringen die ik de rest van mijn leven bij me zal dragen en zal koesteren. Het is alweer een jaar geleden, maar wees niet ongerust, vergeten zal ik je nooit!!!!

In de laatste jaren van jouw leven, heb ik vaak na een bezoek aan je, mijn gedachten van me afgeschreven. Regelmatig kom ik in één van mijn notitieboekjes stukken tekst tegen. Ter herinnering aan en ter ere van onze vriendschap, wil ik deze blog afsluiten met zo’n persoonlijk stukje. Het is goed bedoeld en ik hoop dat je het kunt waarderen. Anders hoor ik het wel van je, over zo’n jaar of vijftig, als ik je kom vergezellen 🙂


Bezoek aan Janny

Het breekt mijn hart, maar langzaam raak ik je kwijt, moet ik je laten gaan. Onverbiddelijk, onvermijdbaar glijd je af naar het land der zwijgenden. Het gebied van hen die we ons herinneren, wij levenden.

Na langzaam bezit te hebben genomen van je lichaam, betreedt de ouderdom nu ook het terrein van je geest. “Ben jij dat, René”, een vraag waar ik het koud van kreeg. Duidelijker kon het niet getypeerd worden. Hoe lang nog voor je echt niet meer weet wie ik ben.

Voor jou hoop ik oprecht, dat je dat niet meer mee hoeft te maken. Niets voor jou, sterke vrouw. Je bent te mooi, te sterk om dit hele proces te moeten doorlopen. Dat zou niet eerlijk zijn, maar ja, wie zijn wij om daarover te beslissen.

Dat recht is voorbehouden aan het leven zelf, alleen het leven zelf. Het enige wat mij rest, is te hopen dat jouw stille wens zal uitkomen. Eigenlijk is het klaar, het boek kan dicht. Dat ik je nog niet wil missen, is dan niet belangrijk meer.

Het is jouw leven en ik hoop, hoe moeilijk ik het ook vind, dat dat gesloten wordt op een, voor jou, aanvaardbare wijze. Tot die tijd, wanneer dan ook, zal ik blijven komen en je blijven zien als de vrouw, de vriendin, zoals ik je ooit heb leren kennen. Succes en sterkte in je eenzame strijd, voor mij zul je altijd een voorbeeld blijven.

6 December 2016


 Tot de volgende blog.

René



Deel dit /Share this