Open brief aan mijn overleden partner, deel 8


Hoi Lieverd,

het is weer moederdag geweest. Heb je gezien wat Sara voor je gemaakt heeft, lief toch?! ’s Ochtends was ze een half uurtje eerder opgestaan om dit werkje voor je te maken. Een blad vol liefdesbetuigingen aan je. We hebben het kaarsje aangestoken en daar de tekening bij gezet. Fijne moederdag, precies zoals altijd. Alsof er niets veranderd is. De lieve schat, net als dat ze iedere avond jou nog een aantal kusjes geeft voordat ze gaat slapen.

Je ziet, je maakt gewoon nog deel uit van ons gezin en waarom ook niet. De rol van moeder voor de twee meiden zul je voor altijd hebben. Die eretitel draag je voor eeuwig bij je, moeder van Anne en Sara. In de loop van de ochtend kwam een andere ‘engel’ ons nog even een persoonlijk gemaakt kaartje brengen met een lieve boodschap er op. Je bent echt niet vergeten hoor, dat kan ook helemaal niet.

Sterker nog, soms hoop ik stiekem dat je me een beetje met rust laat. Ik slaap steeds slechter. Dan lig ik te woelen of heftig te dromen in het bed. Steeds weer kijk ik naar de lege plek naast me als ik wakker ben en kan het gewoon niet bevatten. Dan staar ik maar weer naar onze foto’s, net zolang totdat ik het gevoel hebt dat je bij me bent. Ik heb zo’n ondefinieerbaar gevoel over me. Een onrustig, wisselend gevoel.

Het ene moment weet ik van gekkigheid haast niet waar ik het eerst mee wil beginnen. Dan heb ik allerlei plannetjes. Maar het andere moment komt er een gelatenheid over me heen, alsof niets er meer toe doet. Ik vind het leven prachtig, maar vervloek het ook wel eens omdat jou dat zelfde leven is afgenomen. Dag en nacht ben ik daar mee bezig.



Misschien komt het ook wel omdat ik snak naar wat rustiger vaarwater. De laatste jaren zijn zo instabiel geweest. Ik hoopte dat dit jaar eindelijk enigszins ‘normaal’ zou gaan verlopen. Maar zie daar, nu gooit dat hele corona-gedoe alles overhoop. Al het vanzelfsprekende is verdwenen. Niets is meer zoals het ooit was. Alle standaarden zijn overhoop gegooid. Sociale contacten zijn compleet anders geworden. De kinderen zijn thuis. Er is heel veel gesloten en ga zo maar door.

Ik mis bepaalde zekerheden. Een moment voor mezelf misschien ook wel. Even een moment van bezinning en rust. Maar laten we duidelijk blijven, voor de kinderen vind ik het nog het ergste hoor. Geen school, geen vriendjes en vriendinnetjes over de vloer. Je kunt trots op ze zijn lieverd, want ze doen het hartstikke goed. Je moet er toch niet aan denken, 24 uur per dag met je vader opgesloten zitten?! Maar nogmaals, dat momentje rust voor mezelf mis ik wel.

Deze periode maakt ook extra duidelijk dat je er niet meer bent. Het maakt mij in extremis duidelijk dat ik er nu alleen voor sta. Geestelijk, maar ook fysiek. Soms zou ik wel bij een vriendin een ‘holletje’ willen maken, waar ik even lekker in zou kunnen ‘kruipen’. Een arm om je heen, je hoofd tegen iemands borst gedrukt. En zo een poosje willen schuilen en energie willen opdoen. Net als wij met z’n tweetjes hadden.



Dan kon ik heerlijk tegen je aan liggen, zonder dat er gesproken hoefde te worden. De zekerheid dat je niet alleen was met al je zorgen. Even een moment van rust. Helemaal nu in deze extreme tijd. Maar ja,…. Ach, misschien moet ik niet zo klagen, het kan altijd erger. Wat dat betreft zijn wij met z’n drietjes nog gezond en dat is toch het allerbelangrijkste. Kijk naar wat je wel hebt, niet naar wat je niet hebt toch?!

Wat ik ook echt jammer vind, alhoewel van een compleet ander niveau, is dat er weer niets terecht komt van optredens. Hier lijkt al jaren een vloek op te rusten. Het mag gewoon niet! Wat vind je daar nu toch van, niet te geloven toch? Dit jaar waren we er klaar voor, maar nee hoor, we hadden ternauwernood éénmaal voor publiek gespeeld, of de boel ging op slot. Om gek van te worden.

Zo langzamerhand begin ik me toch af te vragen of we sowieso ooit nog wel eens aan optreden toekomen. Ik durf er nu echt niets meer over te zeggen. Ik ben overigens wel blij dat jij ons nog hebt zien optreden. Zodoende weet je in ieder geval dat de intenties er absoluut zijn. Maar wat lijkt dat ontzettend lang geleden.



Gelukkig beginnen er langzaam aan weer wat dingen te normaliseren. Deze week is Sara voor het eerst weer een paar dagdelen naar school geweest. Wat had ze daar een zin in 🙂 Anne mag nog steeds niet. Eerst vond ze dat wel stoer, nog later naar school. Maar dat gevoel is toch wel compleet verdwenen. Eigenlijk is ze best wel jaloers op Sara dat zij wel al naar school mag. Arme Anne, ze zal tot juni moeten wachten.

Ik heb je trouwens even ‘gebruikt’ bij de belastingaangifte. Eindelijk ben ik volgens mij van die bende af. Nog steeds moest ik de belastingaangiftes voor ons over 2019 doen. Dat ging niet zo goed omdat ze zoveel wilden weten en ik er niets meer van snapte. Toen gaf iemand van de belastingdienst me verleden week de tip om te kijken of jouw DigiD-code misschien nog zou werken. Dat kon ik me eerlijk gezegd niet voorstellen na een jaar, maar ongelooflijk, ik kon op jouw naam nog steeds inloggen.

En wat bleek, daar stond jouw aangifteformulier voor 2019 al klaar. Het volledig, vooraf ingevulde, aangifteformulier dat alleen nog maar even digitaal ondertekend hoefde te worden. Zelfs de aanhef van het formulier hadden ze al netjes veranderd in ‘de erven van’. Precies waar ik met ze over in de clinch lag, namelijk dat ze meer van ons weten op financieel gebied dan wijzelf, werd hiermee bevestigd.



Er was dus al een, door de belasting zelf ingevuld, aangifteformulier aanwezig. Waarom, in godsnaam, laten ze dan de nabestaanden klooien met een formulier dat per se met de hand moet worden ingevuld. Ten eerste is dat het laatste waar je hoofd, als nabestaande, op dit moment naar staat. Ten tweede wordt de kans op fouten alleen maar groter, omdat je mensen dingen laat invullen waar ze totaal geen verstand van hebben.

Nu kon ik ‘gewoon’ net als ieder jaar gezamenlijk onze belastingaangifte digitaal ondertekenen en klaar was het. Ook absurd overigens dat men weet dat jij overleden bent, maar ik bij het digitaal ondertekenen van jouw aangifte, gewoon kon aanvinken ‘zelf ondertekenen’. Hoe kan een overleden persoon nu zelf ondertekenen?!

Het voelde ook best wel vreemd om maar net even te doen of je gewoon nog leefde. Maar ik denk dat je het er absoluut mee eens ben dat ik dat toch maar heb gedaan. Volgens mij zie jij de humor daar wel van in. Ik heb, brave burger als ik ben, overigens voor alle zekerheid wel de belastingdienst opgebeld om te vragen of dit ook voldoende voor hun was. Officieel mocht het niet, maar ze namen het gewoon in behandeling was het antwoord.



De lijvige boekwerken die ik met de hand moest invullen, kon ik weggooien. Hoe achterlijk eigenlijk, ik kan er kwaad om worden. Wat een hoofdbrekens en spanning had dat gescheeld als dit direct zo was opgelost. Geef als overheid dan voortaan aan, dat de digiD-code nog een tijdje blijft werken of zorg er juist voor dat dat standaard het geval wordt. Het scheelt een hoop extra werk voor de overheid en nog belangrijker, de nabestaande, een hoop extra stress.

Nou ja schat, dat zijn typisch aardse probleempjes, daar moet ik jou niet verder lastig mee vallen. Maar ik wilde het toch even aan je kwijt. Weet dat we aan deze kant van het leven ons best blijven doen. We houden elkaar stevig vast en slaan ons er door heen. Ik hoop dat jij je intussen vermaakt aan de andere kant. Daar ga ik maar vanuit, dat geeft me een wat geruster gevoel. Weet dat we van je houden en je iedere dag gewoon onderdeel uitmaakt van ons gezin.

We houden van je!!

Liefs, René





Deel dit /Share this

Een gedachte over “Open brief aan mijn overleden partner, deel 8”

  1. Met tranen in mijn ogen weer jou blog gelezen, René.
    Jij, Anne, en Sara, krijgen van mij , een virtuele knuffel.
    🥰 🥰 🥰 Liefs Leny

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.